Pudding
Vanillepudding met muizestrontjes, of chocoladepudding was zowat het enige dessert dat thuis op tafel kwam. En die pudding kwam altijd uit pakjes, ik heb nooit anders geweten. Omdat er niet al te veel liefhebbers voor waren (eigenlijk alleen mijn moeder en ik) was het niet al te populair. En toen kwam Saroma, iets wat ik als kind zelf kon maken, omdat het niet moest gekookt worden. Een instant puddingpoeder waar je gewoon melk moest aan toevoegen, even roeren, en laten opstijven in de koelkast (die we niet hadden, dus ging het in de kelder). Karamel en aardbeien waren lekker, maar mijn favoriet was toch wel banaan. En wat blijkt, Saroma is nog steeds te koop. Dus deed ik een test: ik maakte de pudding met banaansmaak, en gaf die aan mijn jonge kinderen, die ook geen puddingliefhebbers zijn. En jawel hoor, succes!
Echte pudding is natuurlijk een heel ander verhaal. Het grote geheim (en het verschil met alle soorten pakjespudding) zit in het gebruik van verse melk en echte vanille of chocolade. Geen smaakmakers dus. Het is overigens een makkelijk recept, je moet alleen de moeite doen om verse hoevemelk te vinden. Lukt dat niet, gebruik dan een volle, biologische melk.
Ik vind het overigens lekker om de vanillepudding warm te eten. Recht uit de kookpot in een schoteltje, en dan wachten tot er een velletje op komt. Dit kan je dan eerst opeten, en als je even wacht komt er terug een velletje. En dan de hagelslag erdoor roeren, die een beetje smelt en een mooi effect geeft. Wat een feest !
Ingrediënten
- 60 gram maïzena
- 1 ei
- 60 gram suiker
- 7,5 dl verse melk, of biologische volle melk
- 1/2 vanillestokje, merg losgeschraapd
De maïzena met het ei en een beetje koude melk losroeren tot een papje. De resterende melk met het vanillestokje, het vanillemerg en de suiker aan de kook brengen en een kwartiertje zachtjes laten trekken. Verwijder het vanillestokje.
Al roerend een beetje van de hete melk bij het papje doen, en dan het papje door de hete melk roeren. Terug op het vuur, en nog eventjes zachtjes laten doorkoken (blijven roeren) tot er binding ontstaat. Uitscheppen in individuele vormpjes en laten opstijven in de koelkast.
